Voordelen en nadelen van het werk.
Friday, February 22nd, 2008Regelmatig krijg ik via de mail vragen over wat de voordelen en de nadelen zijn van het werk als verzorgende en / of Eerst Verantwoordelijke Verzorgende.
Hier een algemene opsomming:
Allereerst wil ik aangeven dat ons werk niet alleen maar bestaat uit wassen en aankleden, maar ook uit psychische en sociale begeleiding van de cliënt in het leren omgaan met het verlies van functies, woonmogelijkheden en dierbare naasten.
Daarnaast nog een ander misverstand uit de weg ruimen:
Het zogenaamde ‘billen wassen’ heeft altijd een negatieve lading in zich. Het is voor mij een hele uitdaging dat een cliënt zich zo verzorgt weet dat hij of zij makkelijk in contact kan komen met anderen, of in ieder geval zich prettig hierbij voelt. Dat houdt in dat je niet ondoordacht gaat wassen, maar dit altijd netjes in overleg doet. Waarbij mijn ervaring is dat het prima werkt als de cliënt hetgeen wat hij of zij zelf nog kan bijdragen aan de ADL* ook bijdragen mag. Het is dus niet zo dat je iedere cliënt van top tot teen iedere dag moet wassen.
Afwisselende werkzaamheden; dit met name door de wisselende diensten. Een dagdienst is anders als een tussendienst of avonddienst. De nachtdienst is een hele andere dan welke dienst dan ook.
(Nachtdienst: Je houdt vooral in de gaten hoe alle cliënten slapen, en als dit niet goed gaat (ziekte, angst etc) dan probeer je daar zelfstandig en creatief oplossingen voor te bedenken. Zo heb ik zelf er geen moeite mee dat cliënten soms uit bed komen en op de bank in de woonkamer verder slapen. Je pakt dan een dekbed en zorgt dat de cliënt in de woonkamer comfortabel ligt en verder kan slapen)
Veel contact: afhankelijk van welk zorgveld je werkt (ziekenhuis, psychiatrie, gehandicaptensector, revalidatie, verpleeg-verzorgingshuis, thuiszorg) is het contact meer of minder langdurig of intensief. In de verpleeghuiswereld is het contact vaak langdurig en intensief. Cliënten verblijven of wonen vaak langere tijd op de afdeling of in de woongroep. Je bouwt een band met hen op, met eventuele familie/vrienden. Het is dankbaar, omdat je het vertrouwen moet winnen van de cliënt, maar ook van familie. Dit vertrouwen is heel kwetsbaar, dus integer handelen en zorgvuldig omgaan met alle spullen, informatie van de cliënt is zeer belangrijk. Zeker bij angstige en achterdochtige cliënten (denk aan dementerenden, psychiatrie) is het een hele tour, maar daardoor zeer zeker uitdaging hoe je dit vertrouwen kunt winnen en behouden!
Contact met cliënten; Het contact met de oudere cliënt betekent veel gezellige verhalen, verdrietige verhalen over vroeger. Een hele andere tijd gaat voor je leven. Het contact betekent ook dat je veel leren kunt: wijsheden, omgaan met verlies van functies, verlies van naasten, omgaan met verschillende denkbeelden. Het werken in de zorg betekent ook dat je met veel verschillende culturen in aanraking komt: zowel cultureel in de zin van religie / zingeving, maar ook van omgangsvormen, manieren van wonen, eten en slapen. Het verbreedt je wereldbeeld en je denkbeelden over de mens in het algemeen. Het maakt je ook milder omdat je in contact komt met mensen die uit een echte ouderwetse gezellige ‘volksbuurt’ komen, maar ook uit de sjieke wijken zoals in Wassenaar ofzo. Je leert flexibel omgaan met die verschillen.
Contact met collega’s; Als je houd van werk, waar je veel moet overleggen met directe collega verzorgenden, andere disciplines (artsen, therapeuten) dan ben je in de zorg op je plaats! Zeker als je een uitdaging vind om oplossingen te bedenken in samenspraak met anderen, weerstanden wilt overwinnen.
Contact met familie; In het werk overleg je met contactpersonen over de wijze waarop zorg verleend wordt. In deze contacten begeleidt je ook de familie / comtactperso(o)n(en) rondom hun ervaringen met de ziekte, handicap, opname en het verblijf van het familielid. Dit kan pittig zijn, maar het is ook leuk om te merken dat als er een klacht is van familie, je er oplossingen voor bedenkt en dat dit op tevredenheid rekenen kan van familie.
Systematisch en ordelijk werken; In de verzorging / verpleging wordt vaak volgens protocol en vaste methodieken gewerkt. Overigens zitten hier vaak wel verschillen tussen instellingen en soms zelfs tussen afdelingen (behalve handelingen als injecteren, die zijn wel landelijk vastegesteld). De protocollen zijn een echt houvast om je werk te toetsen of je het wel goed doet. Met name de zorgplannen zijn een goed hulpmiddel om een cliënt de juiste hulp / zorg te geven.
Nadelen:
Wisselende diensten; Werken in wisselende diensten, betekent ook wisselende roosters. Je hebt dus ook nachtdiensten en avonddiensten. Het betekent soms een aanslag op je sociale leven, maar ook op je lichamelijke conditie. In de zorg is de CAO-afspraak dat je minimaal 4 weken van te voren weet wanneer je de volgende maand moet werken. Mijn ervaring is, is dat het voor sommige roostermakers erg lastig is om die termijn te halen. Als je een dienst vrij aanvraagt wil dat nog niet zeggen dat je ook vrij bent. Dus als je echt vrij moet hebben, maar het niet hebt gekregen zul je of moeten ruilen van dienst, of goed moeten onderhandelen met de roostermaker (Opkomen voor je zelf is dus zeer belangrijk).
Emotioneel zwaar: Intensief langdurig contact met cliënten en familie is niet altijd zaligmakend; cliënten komen uiteindelijk een keer te overlijden (in verpleeghuissector!!) Omgaan met emoties als verdriet, boosheid en onmacht komen vaak voor. Je moet leren dit niet teveel aan te trekken, en er afstand van te kunnen nemen. Je moet er tegen kunnen dat mensen ondraaglijke pijn lijden (met name in de terminale fase**) en dat ondanks alles wat je ook probeert het niet lukt om dit te verlichten.
Fysiek zwaar: Je moet er tegen kunnen dat je soms bloed ziet, vieze wonden moet verzorgen, ontlasting, urine en braaksel en sputum op zult moeten ruimen. Er bestaat een grote kans op schade aan je rug, knieën, armen door tillen en verplaatsen. Er worden vaak tilcursussen gegeven en dit krijg je ook mee in je opleiding. Toch vallen er regelmatig collega’s uit met allerhande klachten op spier en gewrichten gebied.
Vrouwenwereld; je moet er tegen kunnen dat er (soms flink) geroddeld wordt, en ook over jou. Dit is niet altijd positief.
Omgaan met feedback; is niet een sterk punt in de zorg: het vergt veel te incasseren als je merkt dat iets indruist tegen je eigen visie op zorg, of die van de instelling en een collega op de juiste manier te vragen naar het hoe en waarom van het handelen. Het kan moeilijk zijn te horen dat je niet altijd alles goed doet en dus open te staan voor tips van collega’s om je werkwijze te veranderen.
Tijdsdruk; in korte tijd moet je soms ingrijpende beslissingen kunnen nemen die veelal diep in kunnen grijpen op de levensomstandigheden van een cliënt, familie, maar ook op je eigen werkomstandigheden (weerstand van collega’s omdat die het oneens zijn met een beslissing en te blijven staan voor je gemaakte beslissing). Ook is er niet altijd voldoende personeel beschikbaar waardoor je keuzes moet maken en prioriteiten moet stellen.
————————
* ADL betekent Algemene Dagelijkse Levensverrichtingen. Dit zijn activiteiten zoals wassen, kleden, eten en drinken, innemen van medicijnen etc.
**Terminale fase betekent laatste levensfase vlak voor het overlijden.

